Fort Vuren 1842 en verder ….

Fort Vuren, gebouwd tussen 1841 en 1844, op deze kaart van 1842 in de oorspronkelijke vorm met een ronde Redoute en een separate geschutsbatterij, als vestingterm voor dit laatste verdedigingswerk wordt “Lunet” gebezigd.

De geschutsbatterij (kortweg Batterij) is aan 3 zijden voorzien van een wal met borstwering, met daarachter een breed platform, voorzien van 2 opritten voor het plaatsten van geschut.
Van buiten naar binnen gezien: de gracht (blauw), het talud van de wal (geelgrijs), de borstwering heeft (van buiten naar binnen) een smalle Plongé (groen bovenvlak), flauw oplopend tot het hoogste punt; de vuurlijn (zwarte lijn), daarna steil aflopend (geelgrijs) en dan het platform voor het opstellen van geschut. Dat geschut was in die tijd nog voorlaadgeschut met gladde loop, wat met ronde kogels schoot en een bereik had van maximaal 2 km. Deze Batterij diende dan ook voor het bestrijken van een strook terrein aan de binnenzijde van de dijk, die bij het stellen van de inundatie droog bleef en van de kaden van de uitwatering.

De ronde Redoute ligt midden in de rivierdijk en is ook voorzien van een wal, met borstwering en geschutsplatform, idem als de Batterij.
Op de ronde Redoute is van 1847 tot 1849 een geschutstoren gebouwd (zoals die toen in de mode waren), ter verdediging van de rivier de Waal en het omliggend terrein. Fort Vuren was nu een “Torenfort” geworden. In het torenfort is heden ten dage nog de oude ingang te zien en ook de oude brughoofden van de ophaalbrug.

Tussen 1873 en 1879 zijn beide verdedigingswerken bij elkaar getrokken tot één fort, omgeven door een gracht. Door de plotselinge ontwikkeling van het geschut en verbetering van het buskruit in het 3e kwartaal van de 19e eeuw, was het blote metselwerk van de geschutstoren te kwetsbaar geworden.

De bovenverdieping van de toren werd afgebroken en er werd een laag grond bovenop gelegd. Aan de zijde, waar de meeste kans was, dat er vijandelijke granaten aan kwamen vliegen, werd een ring bomvrije gebouwen gemaakt met een dikke laag aarde er tegenaan en bovenop. Zo werd de geschutstoren tegen directe treffers op de muren afgeschermd. Het werd een veilige bomvrije kazerne en opslagplaats en de capaciteit daarvan werd nog eens verder uitgebreid met de bomvrije gebouwen in de beschermingsring.
Er werd nog een buitenwal omheen gelegd, die ook aansloot op de wal van de Batterij.
De wal werd voorzien van geschutsopstellingen, voorzien van beschermingsheuveltjes tegen zijdelings invallend vuur, z.g. Traverseheuvels.

In de Batterij werd een bomvrije kazerne met kanonremises en een buskruit/projectielen opslagkelder gebouwd. Immers, het was nu de tijd van de moderne scherfgranaat en steeds meer artillerie geworden en wanneer het (nu langgerekte fort) aangevallen zou worden, dan zou het door het vele schieten van de artillerie van de aanvaller onmogelijk zijn om heen- en weer te lopen en munitie aan te voeren. De batterij moest dus voor enige tijd zelfstandig zijn werk kunnen doen met niet alleen voldoende munitie voorhanden, maar ook onderdak, slaapplaatsen, drinkwater en proviand voor de bemanning.
Hetzelfde gold voor het torenfort gedeelte van fort Vuren.

Breng eens een bezoek aan fort Vuren. Er is een heerlijk terras en u kunt er bijna altijd in de toren kijken en door alle ruimten struinen. Ook is in de de toren het WO2 & Vliegeniersmuseum Rivierenland gevestigd met een mooie aangrijpende collectie voorwerpen en verhalen.

M.v.g.,
Hugo Ouwerkerk
Werkgroep Vesting Gorinchem